Geaccrediteerd
Onafhankelijk
Beoordeeld met een 8

Onafhankelijke nascholing voor

zorgprofessionals

Met een gerust hart de poort openen

De Woenselse Poort, gelegen op landgoed De Grote Beek, is een van de grotere GGZ-instellingen in Nederland. De Woenselse Poort verleent forensische zorg en intensieve zorg aan cliënten met psychiatrische aandoeningen. Twee congresmanagers van Medilex gingen langs bij Toon Walravens (ervaringsdeskundige) en Matty Timmermans (kwaliteitscoördinator) die vaak als gouden duo optreden bij congressen om te spreken over hun werkwijze en de herstelgerichte zorg die zij verlenen.

Geen bedreigingen maar kansen

“Als je zo doorgaat, ga je ooit nog eens naar de Grote Beek”. Hij had nooit kunnen voorspellen dat z’n ouders gelijk zouden krijgen. Na jaren van drugsgebruik en criminele activiteiten was de koek op toen Walravens eenmaal 35 jaar was. Hij raakte ernstig in de war en zou uiteindelijk, na een gevangenisstraf van vijf jaar, tien jaar in behandeling gaan bij de Woenselse Poort. Zijn herstel ging met vallen en opstaan. De professionals leverden goed werk maar hij vond dat de cliënten ook aanspraak moesten kunnen doen op ervaringsdeskundigen. Na zijn herstel besloot hij zich in te zetten voor cliëntbelangen. Mensen die wéten hoe het is om ‘diep’ te gaan maar mensen die ook bewust kiezen om een ander, gezonder, pad in te slaan. Walravens heeft binnen de Woenselse Poort inmiddels een belangrijke positie waarin hij zowel als professional, ervaringsdeskundige, lobbyist en als mens zich inzet voor de cliënten en voor de organisatie. Matty Timmermans werkt sinds 1978 bij de organisatie en is van huis uit verpleegkundige en tegenwoordig kwaliteitscoördinator. Hij begeleidt cliënten maar hij draagt ook zorg voor nieuwe projecten die het welzijn bevorderen. 

Walravens en Timmermans zijn naadloos op elkaar ingespeeld. Ze kennen elkaar al jaren en weten elkaars gedachten haast te lezen. “Wij zien eigenlijk nooit bedreigingen, maar vooral kansen. Soms houdt het in dat we een lange adem moeten hebben maar dat is dan maar zo”, merkt Timmermans op. Het houdt in ieder geval in dat de Woenselse Poort onder andere een cliëntenservicepunt, een bibliotheek – met intern een maatjesproject en ontmoetingsgroepen – en een kledingwinkel voor de cliënten rijker is.

"We zijn geen gevangenis en we straffen niet – we kijken naar hoe we in kunnen spelen op gedrag vanuit het ziektebeeld." 

Binnen de organisatie is het gedachtegoed ‘planetree’ het uitgangspunt: mensgerichte zorg waarbij de omgeving, de organisatie en de cliënt centraal staat. Het is een concept dat mooi aansluit op herstelgerichte zorg. In de participatiesamenleving is ‘in je kracht staan’ van groot belang en dat lijkt dan ook wel weer op herstelgerichte zorg. De termen doen een buitenstaander duizelen, want hoe werkt herstelgerichte zorg in de praktijk? De aandacht is gericht op de mogelijkheden van de cliënt, wordt meerdere malen benadrukt door Walravens en Timmermans. Dat betekent eveneens dat cliënten ruimte moeten hebben voor hun zorgvraag – een plek waar zij hun vragen over het leven na hun verblijf in de Woenselse Poort kunnen stellen. Aan zowel de ervaringsdeskundigen als aan de professionals. Binnen het cliëntenservicepunt is dat mogelijk. Daar treft men elkaar en vindt de kruisbestuiving plaats die binnen herstel een belangrijke rol speelt.

Waar doe ik het eigenlijk voor?
In de Woenselse Poort verblijven psychiatrische cliënten met allerlei forensische maatregelen, zoals een ISD-maatregel of cliënten met dubbel diagnose problematiek. “We zijn geen gevangenis en we straffen niet – we kijken naar hoe we in kunnen spelen op gedrag vanuit het ziektebeeld. We zetten vooral in op talenten, krachten en kwaliteiten van de cliënten”, vertelt Walravens terwijl hij ons rondleidt.

Eddy (32) zit sinds een paar maanden in de Woenselse Poort. Zijn accent verraadt dat hij niet uit de buurt komt en dat klopt ook, maar vanuit justitie moet hij de rest van zijn tijd volbrengen bij de Woenselse Poort. “Ik had lang geen doel in mijn leven. De dood heeft altijd een centrale rol in mijn leven gespeeld en op een bepaald moment wist ik niet meer wat ik moest. Ik raakte vroeg verslaafd en toen ik ging experimenteren met heroïne ging alles snel bergafwaarts. Ik verloor mijn baan en mijn huis. Door een geweldsdelict kwam ik terecht in de gevangenis en nu ben ik met mijn laatste deel van het traject bezig in de Woenselse Poort. Inmiddels weet ik wat mij motiveert en dat is de komst van mijn dochtertje. Dat is zo belangrijk en zo bepalend – ik wil dat zij een vader in haar leven heeft. Bovendien heb ik veel geluk gehad met mijn vriendin die bij me bleef en met mijn vrienden die voor me klaar staan.” Tegenwoordig mag Eddy zo nu en dan naar huis en gaat zijn herstel langzaamaan beter.
De cliënten hebben een druk programma waarbij evidence based behandelingen als focustherapie worden ingezet. Daarnaast zijn er verschillende werkplaatsen en er worden dag-en sportactiviteiten aangeboden. De meeste cliënten bij de Woenselse Poort werken toe naar rehabilitatie en dit is zowel intra- als extramuraal bij de organisatie mogelijk.

Technologische snufjes 
Binnen de forensische zorg lijkt technologische innovatie nog in de kinderschoenen te staan. De Woenselse Poort doet onderzoek naar de mogelijkheden om serious gaming binnen risicotaxatie een plek te geven. Daarnaast heeft Walravens met collega’s een app ontwikkeld die de sociale kaart van de regio toont. Het uiteindelijke doel is om deze aan de cliënten en aan medewerkers mee te geven op het moment dat ze het terrein van de Grote Beek verlaten.  

Het kan verbazen dat een mens besluit om vrijwillig te werken op een plek waar hij eerst in behandeling was. En helemaal voor iemand die zich nooit had bedacht dat hij daar terecht zou komen. Maar Walravens lijkt inmiddels vervlochten binnen de organisatie en haast onmisbaar geworden. “We mogen niet vergeten dat een onnatuurlijke omgeving een natuurlijke omgeving van de cliënt is geworden. Wij, de medewerkers, zijn er te gast. Dat houdt in dat een betekenisvolle relatie van groot belang is.”  

Geschreven door Nannette Sibinga, congresmanager Medilex